Het WK in je glas!?
Vul in: op een zwoele zomeravond gezellig samen het WK kijken onder het genot van een glaasje... Oranje wijn natuurlijk! Huh? Oranje wijn? Hebben ze dat net als al die leuke biertjes speciaal voor het voetbalseizoen uitgebracht ofzo?
Was het maar zo’n feest. Nee, oranje wijn bestaat al ietsje langer dan dat het WK gehouden wordt. Het is er zelfs al sinds de oudheid, en is daarmee de voorloper van veel van de wijnen die we kennen. Maar hoe wordt het dan gemaakt, en waarom heeft het die prachtige kleur waarmee we inmiddels alweer onze straten versierd hebben?
Dat zit zo.
Het principe zit tussen de rode en witte wijn in. Weet je wel, dat drogende gevoel in de mond dat je soms van rode wijn krijgt, maar bijvoorbeeld ook van thee of 90% pure chocolade? Dat wordt veroorzaakt door een stofje dat tannine heet. Die tannine zit, net zoals de kleur van de druif, voornamelijk in zijn schilletje. Laat je de wijn dus lang op die schillen liggen, dan krijg je dat drogende gevoel, plus die mooie rode kleur. Haal je het sap van een rode druif juist meteen bij de schillen vandaan, dan krijg je een blanc de noirs; een witte wijn van zwarte druiven.
Oranje wijn werkt juist het tegenovergestelde van die blanc de noirs. Bij het maken van oranje wijn laten ze het sap van witte druiven namelijk juist lang op die schillen liggen, waardoor je een witte wijn krijgt met extra kleur en tannine. Zo wordt die wijn dus eerder oranje dan goudgeel en krijgt hij dat drogende gevoel dat rode wijn ook heeft. Dit is de oudste, simpelste manier van het maken van witte wijn: zo’n 8000 jaar geleden werden de witte druiven in Georgië namelijk gewoon met schil en al in een kruik gedumpt, waar ze dan fermenteerden tot een rijke, oranjekleurige wijn.
Oranje wijn is dus eigenlijk de wat strengere oma van ons glaasje Chardonnay of Pinot Grigio op het terras— maar dan wel die coole oma die in de jaren ‘70 een hippie was, die van alle trends afweet en nog een beetje eco-conscious is ook. Want hoe historisch het ook is, oranje wijn is weer in opkomst. We zijn immers vaak op zoek naar iets dat net effe anders is dan normaal, en in een wereld waar bijna alles uit een fabriek lijkt te komen is iets waar wat minder mee gerommeld wordt een verfrissend alternatief. Zo kun je hem dus naast de pet-nat op wijnkaarten van New York tot Parijs vinden en vergaart ‘ie langzaamaan fans van jong tot oud.
Maar ja, in New York en Parijs hangen ze geen oranje slingers uit en trekken ze geen oranje shirts aan. Dat doen alleen wij. Hoewel oranje wijn dus technisch gezien geen typisch Nederlands product is, kunnen we wel stellen dat het in geest iets Nederlands heeft. De beste onderbouwing hiervoor is misschien nog wel dat een glas oranje wijn perfect combineert met een blokje oude, gerijpte Goudse kaas. Zo heb je onze nationale kleur in je glas en de trots van ons land op je prikkertje.
Wil je het nou wel au naturel, maar heb je liever licht en bruisend, dan kun je ook nog naar die eerder genoemde pet-nat kijken. Pet-nat komt van het Frans pétillant naturel, wat ‘natuurlijk bruisend’ betekent. Zoals we bij de oranje wijn de oudste methode van het maken van witte wijn hadden, zo hebben we hier de oudste methode voor bubbelwijn, die ons weer bijna per ongeluk zou kunnen overkomen: laat fermenterend druivensap in een luchtdichte fles zitten zodat de CO2 die bij vergisting vrijkomt nergens heen kan gaan, en hoppa, je hebt pet-nat. Klinkt heel simpel, maar voor wie liever niet heeft dat zijn flessen exploderen is timing wel key. Tof voor de liefhebber van handgemaakt, geen-een-exemplaar-is-hetzelfde, want omdat een groot gedeelte van het wijnmaken in de fles zelf gebeurt, kan de ene pet-nat net iets anders uitpakken dan de andere. Ook zijn de restanten van het vergistingsproces nog zichtbaar in het eindproduct. Kijk je namelijk goed naar de bodem van een fles pet-nat (of kantel je hem heel voorzichtig), dan kun je de gistcelletjes nog zien liggen. Zo heb je dus een bubbelwijn naar Hollandse waarden: puur en eerlijk, zonder poespas. Als ‘ie normaal doet, dan doet ‘ie al gek genoeg!
Voor wie een voetbalwedstrijd niet compleet is zonder die tschk van een biertje, maak je geen zorgen. Als kers op de taart (of als dop op de fles?) wordt de pet-nat gezellig afgesloten met een kroonkurk. Dat is dus natuurlijk én sfeervol. Een ding is in ieder geval zeker: of je nou oranje wijn of pet-nat schenkt, aan de drank zal het dit WK niet liggen.